Summary
Dutch to French:   more detail...
  1. hijgen:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for hijgen from Dutch to French

hijgen:

hijgen verb (hijg, hijgt, hijgde, hijgden, gehijgd)

  1. hijgen (puffen; blazen)
    souffler; haleter; soupirer
    • souffler verb (souffle, souffles, soufflons, soufflez, )
    • haleter verb (halète, halètes, haletons, haletez, )
    • soupirer verb (soupire, soupires, soupirons, soupirez, )
  2. hijgen (zwaar ademhalen)
    soupirer; haleter
    • soupirer verb (soupire, soupires, soupirons, soupirez, )
    • haleter verb (halète, halètes, haletons, haletez, )

Conjugations for hijgen:

o.t.t.
  1. hijg
  2. hijgt
  3. hijgt
  4. hijgen
  5. hijgen
  6. hijgen
o.v.t.
  1. hijgde
  2. hijgde
  3. hijgde
  4. hijgden
  5. hijgden
  6. hijgden
v.t.t.
  1. heb gehijgd
  2. hebt gehijgd
  3. heeft gehijgd
  4. hebben gehijgd
  5. hebben gehijgd
  6. hebben gehijgd
v.v.t.
  1. had gehijgd
  2. had gehijgd
  3. had gehijgd
  4. hadden gehijgd
  5. hadden gehijgd
  6. hadden gehijgd
o.t.t.t.
  1. zal hijgen
  2. zult hijgen
  3. zal hijgen
  4. zullen hijgen
  5. zullen hijgen
  6. zullen hijgen
o.v.t.t.
  1. zou hijgen
  2. zou hijgen
  3. zou hijgen
  4. zouden hijgen
  5. zouden hijgen
  6. zouden hijgen
diversen
  1. hijg!
  2. hijgt!
  3. gehijgd
  4. hijgend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for hijgen:

VerbRelated TranslationsOther Translations
haleter blazen; hijgen; puffen; zwaar ademhalen
souffler blazen; hijgen; puffen ademen; ademhalen; blazen; fluisteren; fluiten; graaien; grijpen; grissen; inademen; influisteren; ingeven; jatten; pijpen; pikken; smiespelen; smoezen; snaaien; souffleren; toefluisteren; uitademen; uitblazen; voorzeggen; wegkapen
soupirer blazen; hijgen; puffen; zwaar ademhalen hopen; spinzen; van hoop vervuld zijn; verlangen; verzuchten; zucht slaken; zuchten

Wiktionary Translations for hijgen:

hijgen
verb
  1. zwaar ademhalen ten gevolge van een lichamelijke inspanning

Cross Translation:
FromToVia
hijgen haleter keuchen — (intransitiv) schwer, mühsam, hörbar atmen

External Machine Translations: