Summary
Dutch to English:   more detail...
  1. naamkaartje:


Dutch

Detailed Translations for naamkaartje from Dutch to English

naamkaartje:

naamkaartje [het ~] noun

  1. het naamkaartje (visitekaartje)
    the business card; the visiting card

Translation Matrix for naamkaartje:

NounRelated TranslationsOther Translations
business card naamkaartje; visitekaartje
visiting card naamkaartje; visitekaartje

Related Words for "naamkaartje":

  • naamkaartjes

External Machine Translations: