Summary
Dutch to German:   more detail...
  1. tastbaarheid:
  2. tastbaar:
  3. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for tastbaarheid from Dutch to German

tastbaarheid:

tastbaarheid [de ~ (v)] noun

  1. de tastbaarheid (voelbaarheid)
    die Fühlbarkeit

Translation Matrix for tastbaarheid:

NounRelated TranslationsOther Translations
Fühlbarkeit tastbaarheid; voelbaarheid waarneembaarheid

Related Words for "tastbaarheid":


tastbaar:


Translation Matrix for tastbaar:

ModifierRelated TranslationsOther Translations
bemerkbar bemerkbaar; herkenbaar; hoorbaar; merkbaar; tastbaar; voelbaar; waarneembaar; zichtbaar
deudlich aanraakbaar; concreet; duidelijk; grijpbaar; konkreet; stoffelijk; tastbaar; voelbaar
erkennbar bemerkbaar; herkenbaar; hoorbaar; merkbaar; tastbaar; voelbaar; waarneembaar; zichtbaar duidelijk; eenduidig; flagrant; kenbaar; ondubbelzinnig; op heterdaad; overduidelijk; te kennen; te zien; zichtbaar; zo klaar als een klontje; zonneklaar
greifbar aanraakbaar; concreet; duidelijk; grijpbaar; konkreet; stoffelijk; tastbaar; voelbaar
handgreiflich aanraakbaar; concreet; duidelijk; grijpbaar; konkreet; stoffelijk; tastbaar; voelbaar
konkret aanraakbaar; concreet; duidelijk; grijpbaar; konkreet; stoffelijk; tastbaar; voelbaar
wahrnehmbar bemerkbaar; herkenbaar; hoorbaar; merkbaar; tastbaar; voelbaar; waarneembaar; zichtbaar

Related Words for "tastbaar":


Wiktionary Translations for tastbaar:


Cross Translation:
FromToVia
tastbaar greifbar palpable — capable of being touched
tastbaar greifbar; erfühlbar tangible — touchable; able to be touched or felt; perceptible by the sense of touch; palpable