Summary
Dutch to German:   more detail...
  1. functie bekleden:


Dutch

Detailed Translations for functie bekleden from Dutch to German

functie bekleden:

functie bekleden verb

  1. functie bekleden (vervullen)
    versehen; bekleiden; innehaben
    • versehen verb (versehe, versiehst, versieht, versah, versaht, versehen)
    • bekleiden verb (bekleide, bekleidest, bekleidet, bekleidete, bekleidetet, bekleidet)
    • innehaben verb (habe inne, hast inne, hat inne, hatte inne, hattet inne, innegehabt)

Translation Matrix for functie bekleden:

VerbRelated TranslationsOther Translations
bekleiden functie bekleden; vervullen bedekken; bekleden; betimmeren; overtrekken; stofferen; van bekleding voorzien
innehaben functie bekleden; vervullen
versehen functie bekleden; vervullen bedekken; bekleden; overtrekken

External Machine Translations:

Related Translations for functie bekleden