Summary
Dutch to Spanish:   more detail...
  1. notitie:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for notitie from Dutch to Spanish

notitie:

notitie [de ~ (v)] noun

  1. de notitie (aantekening)
    la anotación; la nota; el apunte
  2. de notitie (opschrijving; aantekening; noot)
    la anotación; el apunte
  3. de notitie (zakelijke notitie)
  4. de notitie
    la nota

Translation Matrix for notitie:

NounRelated TranslationsOther Translations
anotación aantekening; noot; notitie; opschrijving aantekening; annoteren; briefje; kattebelletje; kladbriefje; kladje; krabbel; krabbelbriefje; ruchtbaarheid; schrijfsel
apunte aantekening; noot; notitie; opschrijving aanslijpen; aantekening; annoteren; briefje; kattebelletje; kladbriefje; kladje; krabbel; optekening; schrijfsel
nota aantekening; notitie; zakelijke notitie beoordelingscijfer; cijfer; factuur; kattebelletje; kladbriefje; kladje; krabbel; krabbelbriefje; nota; punt; rangnummer; rekening; schrijfsel
Not SpecifiedRelated TranslationsOther Translations
nota de negocios notitie; zakelijke notitie

Related Words for "notitie":

  • notities

Wiktionary Translations for notitie:


Cross Translation:
FromToVia
notitie entrada; registro entry — record in a log or in a database
notitie nota Notiz — kurze, stichwortartige Auflistung
notitie advertencia; glosa; indicación; nota; observació Vermerkallgemein: ein kurzer schriftlicher Eintrag, eine Anmerkung oder eine Notiz, die der eigenen Erinnerung, als Hinweis für andere und der Kommunikation mit anderen dient

Related Translations for notitie