Summary
Dutch to Spanish:   more detail...
  1. kwartaal:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for kwartaal from Dutch to Spanish

kwartaal:

kwartaal [het ~] noun

  1. het kwartaal
    el trimestre

Translation Matrix for kwartaal:

NounRelated TranslationsOther Translations
trimestre kwartaal trimester

Related Words for "kwartaal":

  • kwartalen

Related Definitions for "kwartaal":

  1. drie maanden, een vierde deel van het jaar1
    • betaalt u de krant per kwartaal?1

Wiktionary Translations for kwartaal:

kwartaal
noun
  1. een kwart van een kalenderjaar

Cross Translation:
FromToVia
kwartaal trimestre quarter — period of three months
kwartaal trimestre trimestre — Espace de trois mois.

External Machine Translations:

Related Translations for kwartaal